Leven en werken in Bukovyna
Weven is voor Paraskeviya geen broodwinning. Het is onderdeel van een groter verhaal. Samen met haar man Dimitri werkt zij het grootste deel van haar leven in de kolhosp – de collectieve landbouwgemeenschap uit de Sovjettijd. Daarnaast onderhouden ze een kleine eigen akker.
In de stal en op het grasland, naast een meertje bij hun huis, verzorgen ze kleinvee: schapen, geiten, kippen en soms een koe. De opbrengsten zijn bescheiden, maar voldoende voor hun gezin.
Aan de voet van de Karpaten
De kinderen gaan studeren. Voor de ouders blijft de stad een verre wereld. Dimitri bezoekt één keer de grote stad, Paraskeviya twee keer – voor beiden genoeg om te weten dat hun echte leven op het land ligt, aan de voet van de Karpaten.
Hun bestaan volgt de seizoenen.
Winter – landklimaat
Volgens de overlevering weeft Paraskeviya vooral in de winter, wanneer het dorp stilvalt onder het landklimaat van Bukovyna. Buiten ligt de sneeuw hoog tegen de khata – het houten woonhuis. Binnen brandt de oven. Dimitri zorgt voor hout, voor wol, voor rust. Hij spreekt weinig, maar is altijd dichtbij. In die koude maanden spreken vooral Paraskeviya’s handen en het weefgetouw.
Meesterstuk
De grote loper met motieven van groene velden, vogels, bloemen en rozetten groeit uit tot haar meesterstuk. Het kleed blijft in de familie, bewaard voor huwelijken en feestdagen. Daarna verdwijnt het, opgerold, in een kist op zolder. Totdat kleinzoon Vova weer de zolder opklimt en de kleden toevertrouwt aan Galerie Vassilev. Voor een nieuw leven – ver van Bukovyna.
